Mijn Wim T. Schippers-anekdote

Lowlands 2000. Ik presenteerde het literaire programma in de Echo. Het was heel vroeg dat jaar. Elf uur, denk ik, ik weet het niet precies meer. Ik had ooit van iemand een xtc-pil gekregen en zaterdagavond leek me een juist moment om die in te nemen. Ik had een topavond. Ieders T-shirt bewonderd, mensen gecomplimenteerd met hun haar of hun manier van dansen. Waarschijnlijk heb ik ook gedanst, want ik meldde me pas ’s ochtends om half negen in de Herman van Veen-bungalow, waar een plaatsje voor mij was gereserveerd. Zoals ik zei, topavond. Om half tien moest ik er weer uit. Koffie, veel koffie. De eerste act was Wim T. Schippers, onderdeel van het programma Beeldspraak van Vrouwkje Tuinman. Het was niet mijn eerste presentatie en ik ging vol zelfvertrouwen het podium op en daar bevroor ik. Black-out. Er kwam niets meer uit mijn mond dan onsamenhangend gemurmel. Gênant. Op een of andere manier wist ik toch Wim T. Schippers aan te kondigen. Op het moment dat ik het podium af liep en Schippers opkwam hoorde ik een enorm lawaai van vallende stoelen. ‘Dat is Jack die van het podium valt,’ zei hij in een scherpe reactie. Bulderend gelach. Vanaf dat moment schoot iedereen in de lach als ik het podium betrad. Totaal geen overwicht meer. Ik schaamde me dood, honorarium teruggegeven. Pas jaren later hoorde ik dat Schippers zelf de stoelen in de backstage had omgeschopt. Briljant.

Ik ben geen ezel. Dag 13: Naar Paulhan

Daar stond ik, boven op de Col des  Lavagnes, 559 meter hoog. Het had me twee uur gekost om de 5,6 km lange stijging van 5,9 procent te bedwingen. Deels lopend, af en toe toch een stukje met de fiets. Van boomschaduw naar boomschaduw. 33 graden, op het heetst van de dag. Mijn hart klopte zo hard dat ik de muziek in mijn oortjes niet meer hoorde. Toen ik duizelig werd ben ik gaan zitten. Naar mijn verstand luister ik niet, naar mijn lichaam wel. Opgeven is een optie, maar omkeren was dat niet meer. Het is geen doen, 40 kilo zonder versnellingen.

Alle stomme beslissingen van de afgelopen weken kwamen samen. Zelfoverschatting. Zwaarteonderschatting. Slordige voorbereiding. De grootste fout was de verkeerde route importeren in mijn navigatie-app. Ik wilde deze route juist niet doen. Waarom had ik hem dan nog in iCloud staan? Ik wist dat het verwarrend was, in mei al, maar ik schoonde de map met routes niet op. Man (65) had dood kunnen neervallen. Maar hij deed het niet. En daarom zal iets soortgelijks nog een keer gebeuren.

Lees verder

SPF50. Dag 12: Naar Saint-Hippolyte-du-Fort

Eens per jaar gingen we met het gezin naar De Beekse Bergen in Hilvarenbeek. Aan zonnebrandcrème deden we in die tijd niet veel. Ik kan me een zondag herinneren dat we als gare kreeften thuiskwamen. We jankten van de pijn. Gelukkig waren in Zundert de winkels op zondag open. Mijn vader stopte bij de drogist voor een familiepot Nivea. Dat was toen de enige aftersun die er bestond. Of die we konden betalen.

We bruinden verder best goed, in het gezin. Mijn vader werkte in de zomer in zijn onderhemd op het land, die had bruine armen, een getaande kop en schouders, en een witte torso. Mijn moeder en jongste zus verkleurden ook lekker en ik werd zo bruin alsof ik uit ander werelddeel kwam, ik was een gebronsd manneke [hier komt later een foto om dat te bewijzen]. Ik fietste in die tijd gewoon in mijn zwembroek naar het zwembad, dan schiet het wel op. Onschuldige tijden. Mijn oudere zus kon tot haar frustratie weer niet bruin worden. Al haar pigment zat in haar pikzwarte haar, denk ik. Lees verder