Eens per jaar gingen we met het gezin naar De Beekse Bergen in Hilvarenbeek. Aan zonnebrandcrème deden we in die tijd niet veel. Ik kan me een zondag herinneren dat we als gare kreeften thuiskwamen. We jankten van de pijn. Gelukkig waren in Zundert de winkels op zondag open. Mijn vader stopte bij de drogist voor een familiepot Nivea. Dat was toen de enige aftersun die er bestond. Of die we konden betalen.
We bruinden verder best goed, in het gezin. Mijn vader werkte in de zomer in zijn onderhemd op het land, die had bruine armen, een getaande kop en schouders, en een witte torso. Mijn moeder en jongste zus verkleurden ook lekker en ik werd zo bruin alsof ik uit ander werelddeel kwam, ik was een gebronsd manneke [hier komt later een foto om dat te bewijzen]. Ik fietste in die tijd gewoon in mijn zwembroek naar het zwembad, dan schiet het wel op. Onschuldige tijden. Mijn oudere zus kon tot haar frustratie weer niet bruin worden. Al haar pigment zat in haar pikzwarte haar, denk ik.
@mijneigenvrouw en ik zijn geen grote zonaanbidders. Onze twee zonen ook niet per se, maar als je de zomers op Bakkum doorbrengt is het vrij lastig de hele tijd binnen te blijven. De ene werd bruiner dan zijn half-Kaapverdiaanse vriendje en de ander kreeg een tijdje SPF50 vergoed door de zorgverzekering.
De eerste tien dagen van deze fietstocht kon ik nog gewoon in spijkerbroek en overhemd fietsen, maar dat is onder Lyon niet meer te doen. Ik heb een halve liter SPF50 bij. Een huismerk, want alle SPF50’s werken even goed, ze ruiken en smeren alleen anders. Een dikke laag op hoofd, nek, oren, neus, armen, en natuurlijk mijn onderbenen, die de laatste vijftig jaar zelden de zon hebben gezien.
Ik heb mijn onderbenen beter leren kennen zo, bij het zorgvuldig smeren en inmasseren van de zonnebrandcrème. Hier en daar een aanzet van een spatader. Erg veel littekens – en verse korstjes? Hoe kom ik daar nou aan. Een diepe put in het bot ook, overgehouden aan een flinke beenwond, die was ik alweer vergeten. Ook opvallend weinig haar, in vergelijking met mijn bovenbenen. Beide schenen zijn ook groen-blauw en gevoelig, dat is waarschijnlijk van het zeulen met de fiets op de Franse treinstations. En heel erg wit zijn ze. Tamelijk confronterend ook, de benen van een man van 65. Misschien leer ik ze na de resterende dagen smeren accepteren.
De hitte doet me niet zo heel veel. Na de Tachtigjarige Oorlog zijn er behoorlijk wat soldatengenen achtergebleven in Brabant. Zo’n leger bestond voor een groot deel uit huurlingen, die hun loon zelf bij elkaar mochten roven en verkrachten. Bijna alle Brabanders hebben restjes Iberisch-Moors bloed. Ik ook. Toen ik nog mijn dikke bos donkerbruin haar had, vroegen in Boedapest, Barcelona en Lissabon mensen de weg aan mij. Ik hou wel van warmte. Had ik al gezegd dat ik regen haat? Maakte me wel zorgen toen ik opeens hoofdpijn kreeg. Een zonnesteek is ook mogelijk.

Het lijkt erop dat de warmte goed is voor de accu’s, ik haal steeds langere afstanden (in combinatie met de rugwind, maar toch). Mijn telefoon is een ander geval. Eén van de reden waarom ik zo vaak verkeerd rijd is de oververhitting van mijn iPhone. De veilige locatie in een frametas is niet ideaal met dit weer. Ik heb hem nu op een stuurhouder gezet, waardoor ik nu met een commandocentrum rondrijdt.
Vandaag weer een akkefietje gehad met een AirBnB-host, daar ga ik een hele blog aan wijden.


De route ging vandaag door de Cevennen en de Gard. Na een halfuur had ik al spijt dat ik niet de ViaRhona had afgereden, maar had gekozen voor een mooie landelijke route. Dat was toen ik mijn accu ineens leeg was door de hellingen die ik moest trekken. Na een uur was ik tevreden met de route omdat ik voortdurend ver boven de minimumsnelheid dorpen binnenstoof (ik hoop dat ik tenminste op één plek ben geflitst). En wat was het landschap weer mooi. Een aangename oplaadlunch (je krijgt standaard een literfles water bij je eten, applaus) waarna ik de accu alsnog leeg reed door een verkeerde afslag te nemen en 25 kilometer te veel te rijden.

133 kilometer in een rit van 9 uur, waarvan netto 6 uur rijtijd. Ik hoop dat mijn zus me herkent als ik onder haar balkon bellend mijn komst aankondig. Ik kan mijn riem in ieder geval weer op het laatste gaatje doen. Ook al twaalf dagen geen chips gegeten (chips is de Satan).
De komende twee dagen een route van 75 kilometer. Mijn lunchpauzes zijn er dan om alleen mezelf op te laden. Woensdag sta ik aan de Middellandse Zee, ik kan het bijna niet geloven.
Wijze lessen van deze dag
- Hoofdpijn hoeft niet per se te wijzen op een zonnesteek, het kan ook een gebrek aan cafeïne zijn
- Boek een AirBnB in de buurt van een supermarkt
- Vergeet je neus en oren niet in te smeren
- Vaseline in je bilnaad zorgt voor een vetvlek in je broek