In Zundert waren relatief veel bordelen. Vooral toen de grenspost Wernhout sloot en de voormalige inklaringsbureaus en douanekantoren veranderden in clubs. De bekendste – en misschien oudste – was Sauna Diana. De naam klinkt onschuldig, maar massages hadden daar altijd een happy end. Sauna Diana was (inter)nationaal bekend van de dubbeldekkerbus die meereisde in de Tour de France en door de wielerploeg die het sponsorde. Een van de zonen van de eigenaars werd nog een redelijk bekende wielrenner en een kleindochter een bekende NPO 3FM-dj. Een paar jaar geleden is Sauna Diana opgedoekt.

Grensgebieden trekken bordelen omdat ze altijd iets leegs en anoniems hebben. Ik werd ervoor gewaarschuwd door het echtpaar Pascale en Christophe bij wie ik Perpignan overnachtte. Ik vroeg hen of de grensovergang Le Perthus/La Jonquera makkelijk te doen zou zijn met de fiets. Paul Benjaminse noemt in zijn reisgids de hoogte van de pas van 300 meter aanlokkelijk, maar de rij automobilisten voor goedkope drank, sigaretten en brandstof, en de nadrukkelijke aanwezigheid van prostitutie, maakte hem onaantrekkelijk. Pascale en Christophe bevestigden dat. Ik zag alleen die 300 meter, de helft van die helse 600 meter die ik eerder deze tocht per ongeluk moest bedwingen. En hittegolf of niet, de temperatuur zou pas na twaalven boven de 30 graden komen. Als ik om acht uur zou vertrekken was ik allang daarvoor in La Jonquera.
Het was een gok, ik had geen idee hoe hoog het stijgingspercentage zou zijn, of mijn accu’s het zouden houden. Het idee naar Spanje te fietsen zonder Spanje binnengereden te zijn was onverdraaglijk. Het zou geen opgeven zijn. Maar toch.
Het moest makkelijker zijn dan de route van Benjaminse die je meer dan 700 meter omhoog laat rijden en je over zandweggen en doodlopende bospaadje naar Spanje brengt. Het is vast een uitdagendere en mooiere route, maar ik zou de top alleen halen met regelmatig mijn fiets omhoogduwen. En zou dat ook nog lukken voordat het 35 graden werd? Dus ik voerde ‘La Jonquera’ in in Navie, de navigatie-app die ik ze vaak vervloekt heb, maar uiteindelijk perfect bleek. De iets langere aanbevolen route van 44 kilometer bleek een eitje. En prachtig. Ik wil ook met oleander omlijste fietspaden in Nederland.

In de jaren 90 reisde ik eens met de bus van Barcelona naar Castelldefels. Ik keek met verbazing naar de fietsers op de vluchtstrook. Hoe? Wat? Hoe steken ze de uit- en opritten over? Ik weet het nu. Heel voorzichtig. Het is onwennig om op een 90 kilometerweg te fietsen. Ik vroeg nog aan Navie: ‘Gaan we goed?’ De pijl was duidelijk; doorrijden jongen. 6,5 kilometer omhoog, in ruime lussen.


De weg was breed, het asfalt vers en glad. Het was nog te vroeg voor goedkope sigaretten en een blowjob, het was 26 graden en ik ging als een speer. Adrenaline? Vast. Routine? Ook. De accu was nog voor de helft vol, dus ik verhoogde de ondersteuning van Eco naar Normaal en zonder veel inspanning ging ik omhoog. Fietsverlichting aan. Stroboscooplampje op de zadeltas. Lampje op de achterkant van de helm op knipperen gezet en gaan. De passerende auto’s gaven me ruimte. Ik voelde me nooit onveilig en stopte af en toe om een foto te maken. Bij Le Perthus had ik het hoogste punt bereikt en zo daalde ik soepel af richting La Jonquera.

De traantjes zaten altijd los bij haar, zei een oom over mijn oma. Het is erfelijk, want ik passeerde de Spaanse grens niet met droge ogen. Het is geen bijzondere prestatie, tientallen mensen fietsen naar Spanje, vanuit Engeland, of zelfs Noorwegen kreeg ik onderweg te horen. Maar toch, man (65) die twee jaar geleden dacht, ik ga naar Spanje fietsen met mijn nieuwe e-bike, is zeventien dagen geleden uit Nederland vertrokken, met (achteraf gezien) redelijke gebrekkige voorbereiding of training en heeft het gehaald door eenvoudigweg door te trappen. Ik heb het gewoon gedaan. Zomaar, omdat het kon. Zonder bucketlist. Zo blij dat ik Spanje ben binnengefietst.
Niet naar Santiago de Compostela, maar naar mijn zus, al is dat bijna hetzelfde.
Na La Jonquera was het nog 21 kilometer naar Figueres, waar ik op de trein zou stappen. Dat was toch heel andere koek dan in het Franse deel van deze etappe. De vluchtstrook was breder, maar die verdomde op- en afritten, die enorme vrachtauto’s, die driebaansrotondes die je moest nemen. Ik scheet peeën en tegelijk vond ik het geweldig. Mede door de rugwind ging het zo voorspoedig dat ik dacht, ik rijd door naar Girona, dat is nog maar 40 kilometer, nog geen twee uur rijden. Op dat moment werd ik duizelig. Cafeïnegebrek, niet genoeg gedronken, te weinig gegeten, te kort geslapen, de emotie.

Toen ik later in de trein zat, zag ik de temperatuur buiten bij Girona oplopen tot 36, later zelfs 37 graden. Nooit jezelf inspannen als de buitentemperatuur even hoog is als je lichaamstemperatuur, had mijn fietsende vriend al de hele ochtend in mijn oor gefluisterd. Blij dat ik bij zinnen was gekomen.
Trouwens: heel onderweg geen hoeren gezien.
