Dingen onderweg verloren. Dag 16: Naar Perpignan

Om de zoveel tijd ga ik een maandje in het buitenland zitten. Van 1988 tot en met 2019 was dat in Sines, Portugal, in pension Fredemar. In 2019 verkocht de eigenaar had. In 2021 ging ik naar Almada, bij Lissabon. Op de weg terug had ik drie tassen bij me in plaats van een, en een van die drie was een laptoptas met een MacBook Pro, een iPad, een JBL Flip, een dure koptelefoon, een goede powerbank. En een USB-stick. En natuurlijk liet ik die tas staan in de metro. Het ding was dat op die USB-stick al mijn wachtwoorden stonden.

Mijn hele leven stond op die MacBook. Alle e-mails sinds 1995. Al mijn foto’s, digitaal en gescand, kopieën van paspoorten. Alle wachtwoorden voor elk account en de iPad ontving de codes voor de 2FA. Maandenlang leefde ik in doodsangst dat mijn leven zou worden overgenomen, om te beginnen met mijn AppleID. Elk raar mailtje, elk vreemd bericht, elke hapering van de vervangende computer, elk onbekend telefoontje liet me schrikken. Tot ik maanden later een bericht kreeg dat mijn vergeten, verloren en daarna gestolen Mac zichzelf had gewist. Maar de onzekerheid blijft, EMDR heeft niet geholpen.

Ik durf niet te zeggen hoeveel AirTags en SmartTags ik inmiddels heb.

Ik ga nooit meer op reis zonder mijn tassen te tellen, Ik vermijd het met meer tassen terug te komen dan weg te gaan, maar heb desondanks regelmatig een hartverzakking. Het zijn maar spullen, ik weet het. Maar het zijn mijn spullen. De cargobermuda die ik nu tijdens fietsen draag heeft zes zakken, waarvan twee zo diep zijn dat ik minstens een keer per dag denk dat ik mijn oortjes ben verloren. Of het Victorinox-zakmes waarin ik in 1986 de naam van mijn vader liet graveren.

Dacht dat ik op de eerste dag mijn zonnebrilletje was verloren, maar ik had twee reservebrilletjes. En ik vond het terug. Het is ook ingewikkeld met mijn twee fietstassen. Ik heb een rode en een groene gekocht zodat ik altijd zou weten wat  in welke zit, maar de routine van het bikepacken heb ik nog niet onder de knie. Elke avond moet ik ze weer helemaal uitpakken op zoek naar schone sokken of een oplader, mijn leesbril of een blikje energiedrank. En weer terug inpakken. Dat doe ik nu wel netjes elke avond, zodat ik ‘s ochtends op tijd kan vertrekken.

Thuis ben ik altijd alles kwijt. De pan die ik net vasthad. Een van mijn drie computerbrillen en een daarvan nu al een hele tijd. Mijn iPhone. Mijn boek, De krant. Mijn dikke trui. Mijn dunne trui. Die fucking afstandsbediening. Mijn reservesleutels, niet omdat ik ze nu nodig heb, maar ik moet weten waar ze zijn? Het potje ansjovis, ik heb toch ansjovis gekocht? Handschoenen, petten, ik verlies ze aan de lopende band.

Deze reis valt het mee. Het flesje desinfecterende gel is blijkbaar uit mijn rugzak gevallen.  En mijn superhandige driewegsplitter die al zo lang meegaat dat ik een band met hem heb op opgebouwd. En dat superscherpe kartelmes met houten heft dat ik in 2007 in Sines kocht, godver, dat is eigenlijk heel erg. Shitterdeshit,

Ik hoop dat het hierbij blijft. Maar ik ben nog niet thuis.

Wijze lessen van vandaag

  • Als je om acht uur vertrek ben je voor de middag al over de helft
  • Niet alle water is de Middellandse Zee
  • Salades uit blik moet je eigenlijk niet doen
  • Jezelf niet insmeren omdat het bewolkt is, is heel dom
  • Soms had je geen nieuwe kabels hoeven kopen, omdat je die andere in een andere tas had gedaan omdat je dat handigere leek