Dingen die je op het strand vindt

Ik liep over het praia do norte. De zee is in de baai van Sines kalm en gemoedelijk, maar op het noorderstrand rauw en woest in zijn Atlantische Oceaanheid. Zwemmen is gevaarlijk, meer dan een beetje zonnen en vissen is niet mogelijk. Het strand loopt helemaal door tot aan Troia, dat tegenover Set├║bal ligt. Op heldere dagen zie je het liggen. In 1999 vond ik er een dood dolfijntje. Als ik in Portugal had gewoond had ik het ingegraven in de duinen voor het skelet. Ik was verliefd op een vrouw in Nederland en ik wilde terug en dacht indruk op haar te kunnen maken met een wervel. Die loswrikken was nogal een gedoe en hij stonk nogal, ik moest hem in meerdere plastic tasjes inpakken. Die kreeg je in elke winkel, ik had er genoeg. Thuis heb ik hem uitgekookt, waarna mijn hele huis naar soep begon te ruiken. Hij ligt nu in de vitrinekast.

Het stuk bot ik eergisteren vond moest ik laten liggen. Nog nooit zoiets groots van dichtbij gezien. Ik dacht eerst dat het een wervel was, maar na een beetje rondzoeken denk ik dat het een stuk schedel van een (blauwe) vinvis is. Bij het woord selfie moet ik altijd een beetje in mijn mond overgeven, dus ik heb geen foto gemaakt die de proporties duidelijk maken. Misschien dat het krabbetje genoeg zegt. Ik schat dat hij anderhalve meter breed was.

Er zijn meerdere malen walvissen aangespoeld rondom Sines. Recent nog twee (zoek op YouTube op ‘baleia Sines), maar dat waren kleintjes. Dit stuk schedel moet van een volwassen vinvis zijn geweest. Misschien heeft hij al tientallen of honderden jaren in zee gelegen. Ik las eens dat het driehonderd jaar duurt voor een dode volwassen walvis is verteerd. Of misschien heeft iemand hem hier gedumpt, voor de lol. Er was een stuk uitgezaagd.

Verder vond ik een spons, een haaienei en meters visnetten die ik braaf bij het restafval heb gegooid.