Het gevecht tussen Eend en Snoek

Niets mooier dan de N10. Tot Parijs is het even afzien op de péage en bij de stad aangekomen is het opletten dat je niet de juiste afslag mist of de verkeerde neemt, maar daarna, bij Chartres, begint het feest. De Route Nationale. Er zijn mensen die het met de Route 66 in de VS hebben. Ik heb het met de N10 in Frankrijk, die van Parijs tot Biarritz* loopt. Over een tolweg rijden is net zoiets als door de Kanaaltunnel gaan. Het schiet op, maar je ziet niets. De N10 gaat door een zachtglooiend landschap vol kastelen, slaperige dorpjes, wijngaarden en provinciesteden. En vooruit, met hier en daar de koeltoren van een kerncentrale en natuurlijk de pest van het Franse platteland: de ZI.

De ‘Zone Industrielle’ is een surrealistisch landschap van tapijthallen, zwembadverkopers, hypermarchés met reusachtige parkeerterreinen en goedkope benzinepompen, autodealers, onbemande motels in vier prijsklassen en fastfoodrestaurants en dat alles extra lelijk gemaakt met tientallen schreeuwerige billboards, rondom de ene rotonde na de andere.

Prachtig, vooral omdat we er in Nederland van verschoond zijn. De hypermarchés sla ik nooit over en ook de zelfbedieningshotels hebben geen geheimen voor me, maar iets weerhoudt me er van te gaan steak te gaan eten bij Buffalo Grill of mosselen met friet bij Léon de Bruxelles in hun kermisachtige decor. De Route Nationale is jaren 50, jaren 60, dus je luncht of dineert bij een restaurant dat het menu van 9 euro met krijt op een schoolbord heeft geschreven.

Hoogtepunt is het verlaten benzinestation Etoile du Sud bij Sainte Maure-de-Tourrraine. Een openluchtmuseum van een tijd dat dit de verkeersslagaders van het land waren. Er horen Snoeken bij geparkeerd te staan, met lederen bekleding en een nerveuze rokende Française in een bontjas ernaast.

Grote gedeeltes van de N10 zijn inmiddels vierbaans, maar nog steeds is het rijden zoals het hoort. Uren, gevoelsmatig, achter een walmende vrachtwagen naar het geel/oranje bordje ‘veiculo longo’ kijken. Met zeventig door een dorpskern scheuren en huisvrouwen de broek uitrijden. Zo voel je je even een Franse automobilist.

Die zijn er in twee soorten: het stoffige keuterboertje in zijn 2CV en de vettige agressieveling in zijn DS21. Inmiddels rijden ze in Mercedessen en Nissans, maar het is op de weg nog steeds het gevecht tussen Eend en Snoek. Vooral als het vierbaansgedeelte weer tweebaans wordt. Op verschillende plaatsen staan de silhouetten van verkeersslachtoffers. Een verkeersveiligheidsproject. Zwarte figuren, levensgroot. Een gruwelijk gezicht, zeker bij Angoulême, waar een heel gezin is omgekomen.

Met een Nederlands kenteken ben je vanzelf een Eend. Maar dat maakt je gelukkig zelden een silhouet.

Van Parijs tot Biarritz over de N10, 14 september 2003

*) De N10 tussen Bordeaux en Biarritz is inmiddels de A10 en niet meer tolvrij.