Mijn eerste lange fietstocht was van Utrecht naar Doetinchem waar een zus woont. Bijna 100 kilometer, over de Veluwe. In Arnhem stopte ik even, om te kijken waar vrienden van ons ook alweer woonden, dan kon ik er even mijn waterfles vullen. Natuurlijk stond ik op de hoek van hun straat, nagenoeg voor hun deur, je verzint het niet.
Ze geloofden niet dat ik op de fiets was – tot ze mijn fiets zagen – omdat ik aanbelde met opgerolde hemdsmouwen boven een spijkerbroek. Dat is nog een dingetje, ja. Fietskleding. Ik fiets vooralsnog zonder helm, maar op weg naar Spanjeland zal ik er braaf een opzetten. Fietshandschoenen, ja. Die gekke fietskleren daarentegen, ik weet het nog niet.
Ik heb de eerste groepjes mamils (middle aged men in lycra) alweer gezien, aan het eind van de waaierend over het fietspad alsof het koers is. Het dedain waarmee ze me aankijken als ze mijn e-bike zien kaats ik terug. Ik ga me nooit in die kleuterkleding hijsen.
