Overmorgen alweer thuis

Het lijkt wel een kloostercel, reageerde iemand toen ik deze foto begin november twitterde. Het ziet er nu wel anders uit, overal papieren, geeltjes, aantekeningen. Zooi. Over twee dagen is het hier weer helemaal leeg. De koffer is alweer half ingepakt, de vuile was gaat niet meer in een waszak, maar opgerold om de souvenirs. Drank. Eten. Bloemzaden. Een steen en een schelp uit Sines. Zooi uit de Chinese winkel. En iets kostbaars.

Gisteravond maakte ik een wandeling door de omgeving. Ik moest even naar buiten na bijna acht uur onafgebroken achter mijn Mac zitten. Om de hoek passeerde ik een jongen die in de vuilcontainer zat te wroeten. Ik ben een paar keer ’s avonds opgeschrokken door een harde knal. Het zijn mensen die op zoek zijn naar dingen van waarde in de container die voor het huis staat. Kleding, plastic bakjes, eten. Ze zoeken slordig, laten wat ze niet willen laten ze op straat achter en ze zijn al doorgelopen voor de klep met een knal dichtvalt. Deze jongen was overvallen door razernij. Hij trok vuilniszakken open en zwierde de inhoud over de straat, de ene na de andere en wat eruit kwam schopte hij scheldend naar de overkant. ┬áDansend midden op de weg, terwijl snel een file van claxonnerende auto’s ontstond. Twee files. Toen ik later terugliep lag het afval nog op weg, nu netjes in het asfalt gereden. Woede en verdriet verpakt in plastic zakken en nat karton.