Dia dos Namorados

Ik stuurde mijn eerste valentijnskaart in 1979. De kantoorboekhandel in het winkelcentrum van Etten-Leur had de keuze uit drie kaarten. Ik wist vaag van de dag, een vriend vertelde dat je dan een kaart stuurde aan iemand die je aardig vond en dat hij er een aan Carolien ging sturen. Ik stuurde er ook een aan Carolien.

Carolien kwam me de andere dag bedanken voor de kaart en vertelde dat het niet de bedoeling is je je naam erop zet. Dat vond ik raar, wat is het nu daarvan? Ik vond haar gewoon aardig verder niets, dat wilde ik haar laten weten. Later hebben we een keer gezoend, maar toen hadden we allebei gedronken.

De eerstvolgende valentijnspost stuurde ik pas begin jaren 1990. Valentijnsdag was toen al een begrip geworden in Nederland. Op een briefje typte ik (dan herkende ze mijn handschrift niet)

The world was on fire and no one could save me but you 
It’s strange what desire make foolish people do

de openingsregels van Wicked Game van Chris Isaak, de cd-single zat erbij. Ik maakte de vergissing de envelop in mijn geboortedorp op de bus te doen. Het poststempel verraadde me. Wat volgde was in- en in-romantisch, tenminste, als je denkt dat liefde pijn moet doen.

Jaren later stuurde ik aan dezelfde vrouw honderd valentijnskaarten. De postbode had er niet meer van. Het maakte niet uit dat haar adres was uitgeprint, ze wist toch wel dat ze van mij waren. Ik wilde ook dat ze dat wist.

Daarna heb ik geen valentijnskaarten meer verstuurd, ik kon niet meer over mezelf heen.